Vangsten

Paling
De paling, ook wel gewone paling of Europese aal (Anguilla anguilla), is een straalvinnige vis die behoort tot de familie echte palingen (Anguillidae).
De paling kan meer dan een meter lang worden en heeft een bruine tot grijze kleur en een zeer langwerpig lichaam met een lage rugkam en zonder (zichtbare) schubben. De paling is door de karakteristieke lichaamsbouw gemakkelijk van andere vissen te onderscheiden.
De paling komt voor in grote delen van Europa en noordelijk Afrika en is een bewoner van wateren met modderbodems. De paling schuilt overdag en jaagt 's nachts op kleine ongewervelde waterdieren zoals waterpissebedden en aasgarnalen en/of kleine vissen.
Bron: wikipedia

Meerval
De Europese meerval (Silurus glanis) is een vissoort die behoort tot de beenvissen (Osteichthyes), en wordt ook wel  val ofvisduivel genoemd.
De meerval is een langgerekte vis met een afgeplatte bek, een vrijwel rolrond lichaam met een dikke buik en een zeer lange staart. De meerval heeft zes baarddraden aan zijn opvallend grote bek: twee zeer lange baarddraden vlak voor en boven de mondhoeken, en twee paar aan de onderzijde van zijn bek waarvan de achterste twee wat meer naar buiten staan. Hij heeft een zeer klein rugvinnetje en een zeer lange anaalvin.
De ogen zijn klein en de huid is onbeschubd. De zijlijn is volledig.
Bron: wikipedia

Snoekbaars
De snoekbaars, voorheen ook wel zander genoemd (Stizostedion lucioperca of Sander lucioperca), is een in de Benelux voorkomende vis. De snoekbaars is langgerekt en rond van vorm en heeft een puntige kop. De kleur van de snoekbaars is afhankelijk van de bodem,lichtintensiteit in en de helderheid van het water. De kleur kan zilvergrijs tot goudbruin zijn en hij heeft vage donkere dwarsstrepen, die bij oudere exemplaren vervagen. Hij heeft twee rugvinnen, waarvan de voorste harde stekelige stralen heeft. Ook de rand van de kiewdeksel is voorzien van een scherpe punt. De ogen zijn groot en glazig. De snoekbaars kan 120 centimeter lang worden. De mannetjes kunnen worden onderscheiden aan hun donkere buik.
Bron: wikipedia

Snoek
De snoek (Esox lucius) is een grote zoetwatervis uit de familie snoeken (Esocidae). Het is één van de bekendste roofvissen die in België en Nederland voorkomt. De snoek is daarnaast in delen van Europa, Azië en Noord-Amerika te vinden. De snoek is een zoetwatervis en heeft in vergelijking met andere zoetwatersoorten een karakteristieke, torpedo-achtige lichaamsbouw. Snoeken kunnen 15 jaar oud worden.
Bron: wikipedia

Baars
De baars (Perca fluviatilis) is een vis uit de vissenfamilie Echte baarzen (Percidae), die in de Benelux inheems voorkomt. De baars kan tot 60 centimeter lang en 4.5 kilogram zwaar worden. Hij kan 16 jaar oud worden. Verwanten van deze soort zijn onder andere de snoekbaars en de pos.De baars leeft verspreid over bijna heel Europa en Noord-Azië, in meren, plassen, moerasland, rivieren en brakwater. De vissenpaaien van maart tot juni in zeer ondiep water; zij leggen soms wel 200.000 eieren in lange netvormige linten. De jonge roofvis zwemt vaak in scholen en zoekt zijn prooi, die hij opzuigt met zijn uitstulpbare bek, langs de oever of bij de bodem. Als de baars ouder wordt komt hij vaker solitair voor in dieper water.
Bron: wikipedia

Krab
De Chinese wolhandkrab (Eriocheir sinensis) is een krab uit de familie Grapsidae. Het is een exoot die zowel langs de kust als in de brakke en zoete wateren van de Benelux voorkomt.
Met een pantser van ruim 7 cm en zijn vrij lange poten is de wolhandkrab een opvallende verschijning. Kenmerkend zijn de met een soort vacht beklede scharen waar de naam aan te danken is. Overdag verblijven ze in hun zelf gemaakte holen die ze in de oevers uitgraven en 's nachts trekken ze er op uit om voedsel te zoeken. Met hun graafwerk kunnen zij schade toebrengen aan de oeververdedigingen.
De soort komt een groot gedeelte van haar leven voor in zoet water. Voor de voortplanting zijn zij echter afhankelijk van zout water. In september, oktober trekken zij naar de kust. Om daar te komen zullen ze net als de paling indien nodig over het droge verder trekken. Bij de trek kan wel 12 km per dag afgelegd worden. De paring vindt plaats in de herfst in de getijdenzone waarna de vrouwtjes verder de zee in trekken. In het voorjaar keren ze terug en leggen hun eitjes.
Bron: wikipedia